Het werk van woningcorporaties na de 'Big BENG'

Eric Spithoven

Om de energetische prestatie van een woning uit te drukken, gebruiken we in Nederland nu nog de energieprestatiecoëfficiënt (EPC; nieuwbouw) en de Energie-Index (EI; bestaande bouw). Nog wel. Want per 1 januari 2021 krijgen we allemaal te maken met een nieuwe bepalingsmethode voor de energieprestatie van woningen. Dan worden de EPC en de EI vervangen door de nieuwe eisen conform BENG (Bijna Energie Neutrale Gebouwen) en komt er weer een nieuwe indeling van energielabels. Wat betekent dat voor woningcorporaties en hoe zorg je ervoor dat deze ‘Big BENG’ een zachte landing krijgt?

Van EPC naar BENG

Het tegengaan van klimaatverandering en het terugbrengen van de CO2-uitstoot zijn actueler dan ooit. Eisen worden aangescherpt, de urgentie tot verandering neemt toe en de technologische ontwikkelingen volgen elkaar in razend tempo op. Ook in de bouw. Dat vraagt om een nieuwe methode om de energieprestatie te meten. De huidige bepalingsmethodiek voor nieuwbouw is namelijk niet geschikt voor zeer energiezuinige gebouwen. Daarnaast is er behoefte aan een methode die een link kan leggen met het werkelijke energiegebruik. De Europese Unie heeft daarom de indicator primair fossiel energiegebruik (in kWh/m2) aangewezen voor het bepalen van de energieprestatie van gebouwen.

Wat betekent dit voor woningcorporaties?

Voor woningcorporaties heeft dit verschillende consequenties. Op de labeling (en daarmee de puntentelling), vergunningaanvragen voor nieuwbouw en klassegrenzen voor de energieprestatievergoeding:   

Energielabels

Omdat de indicator voor de energieprestatie (EI) verandert, veranderen ook de klassegrenzen voor de energielabels. Dit heeft invloed op de labels van ongeveer de helft van de woningen. Zij zullen op het moment dat het huidig geldige energielabel is verlopen een ander label krijgen. Dit kan gevolgen hebben voor de puntentelling en daarmee voor de huurprijs van de woning.

Nieuwbouw

Ook voor nieuwbouw zijn er veranderingen. Het werkelijke energiegebruik wordt doorslaggevend. Om dat te kwantificeren, moeten vanaf 2021 alle vergunningsaanvragen voldoen aan de BENG-eisen aan de hand van drie indicatoren:

1.   Energiebehoefte gebouw: de maximale energiebehoefte in kWh per m2 gebruiksoppervlak per jaar.
2.   Primair fossiel energiegebruik: het maximale primair fossiel energiegebruik, eveneens in kWh per m2 gebruiksoppervlak per jaar.
3.   Hernieuwbare energie: het minimale aandeel hernieuwbare energie in procenten.

EPV

Hoewel de oude rekenwijze zo zuiver mogelijk is omgezet naar de nieuwe, wijzigen de klassegrenzen voor de energieprestatievergoeding (EPV). Op basis van de netto warmtevraag kan een corporatie de EPV per vierkante meter vaststellen. Dat heeft gevolgen voor de extra bijdrage die corporaties aan huurders mogen vragen bij nul-op-de-meterwoningen (NOM).

Hoe zorg je voor een zachte landing?

Minister Knops (BZK) kiest er gelukkig voor om de implementatie van de nieuwe BENG-eisen en energielabels liever goed dan haastig te doen. Onlangs werd de invoering uitgesteld omdat de software die hiervoor nodig is niet op tijd beschikbaar is. Maar op 1 januari 2021 gaat het roer echt om. En dat is sneller dan je denkt. Bereid je als corporatie dus goed en tijdig voor op de komende veranderingen. Het heeft namelijk nogal wat impact. Voor de bepaling van de energieprestatie zijn straks meer gebouwkenmerken nodig dan voor de huidige Energie-Indexbepaling. Dat zorgt ervoor dat de huidige prestatie niet zomaar kan worden omgezet naar de nieuwe methodiek. Er dienen aannames voor deze ontbrekende waarden gedaan te worden om ervoor te zorgen dat de Energie-index niet achteruit holt in de Aedes-benchmark.

Om op de gewijzigde methodieken te kunnen anticiperen, dienen alle EPA-adviseurs vóór 1 januari 2021 te worden bijgeschoold en een aanvullend examen te doen. Corporaties die zelf adviseurs in dienst hebben, krijgen hier dus ook direct mee te maken.

Voorheen bestond er één EPA-examen voor woningen. In de nieuwe methodiek worden dit er twee: EPA-W basis en EPA-W detail. In beginsel is basis voldoende om de Energie-Indexen van een corporatie te kunnen bepalen en is EPA-W detail nodig voor nieuwbouw. Het is echter wel zo dat wanneer een label in EPA-W detail is opgenomen je voor deze woning nooit meer terug mag vallen naar EPA-W basis. Na het verlopen van het EPA-W detaillabel voor nieuwbouw, zal deze door de corporatie dus ook als EPA-W detail opgenomen moeten worden. Dit kan ervoor zorgen dat de EPA-adviseurs van de corporatie een nog verder uitgebreid examen moeten doen.

Er is vanuit de markt de verwachting dat het niet lukt om op 1 januari voldoende EPA-W-adviseurs te hebben om aan de labelvraag te kunnen voldoen. Er is door de herscholing van 2018 al een groot deel adviseurs uit de markt verdwenen. Dit effect wordt ook nu verwacht. Er moeten dus tijdig afspraken worden gemaakt met externe adviseurs om te zorgen dat er voldoende capaciteit gereserveerd is wanneer je nu al ziet dat een aantal huidige labels dan verloopt.

Atrivé heeft veel ervaring met het opleiden van EPA-adviseurs en het organiseren van processen rond energielabeling. Neem daarom gerust contact met ons op als er nog vragen zijn. We helpen graag mee om de aanstaande ‘Big BENG’ in jouw organisatie zachtjes te laten landen.

 

Meer weten of overleggen?

Neem contact met mij op.

 *
 *
naam@bedrijf.nl
012-3456789
 *
Eric Spithoven
T: 06 - 20 42 20 86
E:e.spithoven@atrive.nl
LinkedIn